Cultuur

Waarom festivals steeds meer op tijdelijke werelden lijken

Festivals draaien allang niet meer alleen om de line-up. Waarom bouwen organisatoren complete werelden waarin verdwalen, meedoen en verwondering minstens zo belangrijk zijn?

Kultlab

Midden in de Noordoostpolder, verscholen tussen de bossen van Kraggenburg, verschijnt ieder jaar een meerdaags festival voor elektronische muziek dat eerder aanvoelt als een tijdelijk dorp dan als een traditioneel festival. Zodra je Wildeburg binnenloopt, verdwijnen de rechte paden.

Tentjes staan kriskras verspreid tussen de bomen. Sommigen kiezen een open plek op het veld, anderen verdwijnen met hun kampeerspullen zo diep mogelijk het bos in. Je zet je tent op, haalt een koffie of smoothie bij een van de foodtrucks en loopt richting het festivalterrein. Of nou ja, terrein.

Dat woord voelt hier eigenlijk niet helemaal passend.

Er is geen brede boulevard die je automatisch naar de mainstage leidt. Geen vaste route waar duizenden mensen dezelfde kant op lopen. Je loopt simpelweg een bos in. Een heuvel op. Een heuvel af. En ineens sta je op een strand. De stage heet toepasselijk Strand, waar honderden mensen op blote voeten dansen terwijl het zand onder hun voeten opstuift. Later die avond willen we naar de set van de Nederlandse dj Twiena. Ze draait in de Duinpan. Waar die ligt? Geen idee. Terwijl we de plattegrond bestuderen, stapt een jongen op ons af. "Door het bamboebos," zegt hij. Alsof hij de weg naar de supermarkt uitlegt.

Niet links langs de foodtrucks. Niet voorbij de wc's. Door het bamboebos.

We volgen zijn aanwijzingen, lopen langs een kruispunt met geïmproviseerde stoplichten en verdwalen alsnog minstens een kwartier. Tot het bos zich ineens opent en we uitkijken over een compleet podium, gebouwd onder in een natuurlijke duinpan. Je loopt op Wildeburg nooit naar een podium. Je ontdekt het. En dat blijkt niet alleen voor de Duinpan te gelden.

Een wereld achter iedere boom

De rest van de avond herhaalt hetzelfde patroon zich steeds opnieuw. Iedere keer als je denkt dat je het festival begint te begrijpen, blijkt er achter de volgende boom weer iets anders te liggen. Een kampvuur waar onbekenden verhalen uitwisselen. Een lichtinstallatie die pas zichtbaar wordt als de zon onder is. Radio De Koperen Hond, dat voor het weekend is omgedoopt tot Schiphond, compleet met een KLM-incheckbalie, oude vliegtuigstoelen en een zwarte 'black box' tussen de bomen.

Even verderop ligt Vuurtorenstrand, waar bezoekers zwemmen of simpelweg in het zand liggen terwijl uit de verte muziek klinkt. Op Wildeburg lijken de namen van de podia en plekken geen toeval. Strand. Duinpan. Helling. Eiland. Vuurtorenstrand. Zweefhut. Het zijn geen nummers op een timetable, maar bestemmingen op een landkaart. Je bezoekt geen stages; je reist van plek naar plek.

Dat gevoel wordt de volgende ochtend alleen maar sterker. Waar op andere festivals de zaterdag begint met een rij voor koffie en de eerste biertjes, zitten op Wildeburg zo'n dertig mensen vrijwillig in een cacaoceremonie. Een uur lang draait het in de Zweefhut om ademhaling, reflectie en stilte. Nog geen honderd meter verderop klinkt ondertussen alweer techno uit de speakers.

Het contrast voelt nergens vreemd. Integendeel. Wanneer we daarna weer naar buiten lopen, lijkt het festival langzaam te zijn veranderd in een klein dorp. Mensen nemen een frisse duik, bestellen hun eerste drankje of eten een broodje knakworst alsof het een doodgewone zaterdagochtend is. Er ontstaat een eigen ritme, los van de timetable. Wildeburg voelt daardoor minder als een festival en meer als een tijdelijke samenleving.

Kultlab

Niet de line-up, maar de wereld eromheen

Opvallend genoeg staat Wildeburg daarin niet alleen. Steeds meer festivals lijken minder om headliners te draaien en steeds meer complete werelden te bouwen. De muziek blijft belangrijk, maar vormt niet langer de volledige ervaring. Dat herkent ook bezoeker Jesse Drijver. Na jaren op festivals als Mysteryland merkte hij dat hij iets begon te missen. "Ik wilde gewoon random shit meemaken," vertelt hij. "Niet de hele dag voor een podium staan, maar van avontuurtje naar avontuurtje gaan." Zijn vrienden stuurden hem daarom naar Wildeburg.

Al na één dag merkte hij dat hij hier op een heel andere manier over het terrein liep.

"Ik had FOMO terwijl ik er was."

Het is een opvallende uitspraak. Normaal ontstaat fear of missing out omdat je ergens níét bent. Jesse voelde het terwijl hij midden op het festival stond. Niet omdat hij bang was een dj te missen, maar omdat hij wist dat er overal tegelijkertijd iets gebeurde. "De hele tijd waren het verbazingen," zegt hij. "Je loopt ergens heen en denkt: dit heb ik ook nog nooit op een festival gezien."

Wat hem misschien nog wel het meest verraste, was hoe weinig hij bezig was met zijn telefoon of met alles wat buiten het festival gebeurde. Na afloop vatte hij zijn ervaring samen in één zin: 'You don't really go there to escape reality. You go there to remember what it feels like to be completely present.'

Volgens hem schuilt daar de echte kracht van Wildeburg. "Iedereen staat open voor een gesprek. Niemand veroordeelt elkaar. Je bent gewoon volledig in het moment."

Dat gevoel blijkt geen toeval.

Volgens Jeroen van podiumbouwer 20Tree, die al jarenlang meebouwt aan Wildeburg, is het terrein juist ontworpen om bezoekers nieuwsgierig te houden. "Op ieder hoekje zit weer iets creatiefs verstopt," vertelt hij. "Je wilt dat mensen blijven ontdekken. Dat ze denken: wat zit daar nog? En achter die volgende bocht?" Volgens hem zit daarin ook het verschil met veel grotere festivals. "Daar loop je van hoofdpodium naar hoofdpodium. Hier ben je onderdeel van een wereld. Je bent niet alleen naar een artiest aan het kijken; je bent het festival aan het beleven."

Dat sluit volgens hem aan bij een bredere ontwikkeling. "Mensen zoeken steeds meer intimiteit. Ze willen niet meer met zestigduizend man op een veld staan. Ze willen plekken waar ze zich kunnen verwonderen." Wildeburg geeft volwassenen volgens hem weer iets terug wat ze onderweg zijn kwijtgeraakt. "Drie dagen lang mag je weer kind zijn. Je mag ontdekken, spelen en verdwalen."

Zelfs de mensen die het festival bouwen, raken er soms de weg kwijt.

En precies dat is de bedoeling.

Kultlab

Van bezoeker naar deelnemer

Niet alleen het terrein nodigt uit om te ontdekken, ook de programmering draait steeds vaker om meedoen in plaats van alleen kijken.

Dat is precies de gedachte achter de Bamboebios. Op papier een bioscoop, in werkelijkheid een van de plekken waar Wildeburg als tijdelijk dorp tot leven komt. Er worden films vertoond, maar net zo makkelijk verandert de ruimte in een spelshow, een quiz of een geïmproviseerde voorstelling waarbij bezoekers zelf onderdeel worden van het programma.

"We noemen het bewust geen randprogrammering meer," vertellen makers Anne Kloosterhuis en Mathijs Stegink van de Cardboarders. "Het is een sidequest." Net als in een videogame is dat geen verplicht onderdeel van het verhaal, maar vaak wel het avontuur dat je het langst bijblijft.

Hun uitgangspunt is simpel: bezoekers moeten niet alleen consumeren, maar ook bijdragen. "We willen dat mensen meedoen, niet alleen kijken." Volgens hen is dat precies waarom Wildeburg zo anders voelt. "Het festival ís eigenlijk een tijdelijk dorp," zeggen ze. "Je zit een paar dagen met elkaar in dezelfde wereld. Je gaat dezelfde mensen herkennen, er ontstaan eigen gewoontes en langzaam voel je je verantwoordelijk voor de sfeer."

Daarmee verandert ook de rol van de bezoeker.

"Je bent uiteindelijk zelf het festival."

Dat klinkt misschien abstract, maar volgens Anne en Mathijs merken ze het ieder jaar opnieuw. Bezoekers komen vaak binnen met het idee dat ze alleen even komen kijken, om vervolgens opgelucht weer naar buiten te lopen. "Eigenlijk horen we steeds dezelfde reactie," zeggen ze. "Wat heerlijk dat ik onderdeel kan zijn van iets. Dat ik zelf iets mag doen. Niet alleen consumeren."

Volgens Anne en Mathijs ontstaat daardoor ook een heel andere dynamiek op het terrein. Festivals die alleen draaien om muziek trekken al snel hetzelfde publiek in hetzelfde ritme. "Dan krijg je een soort broeierig sfeertje," zegt Mathijs. "Juist als je plekken maakt waar mensen zich veilig voelen om te improviseren en echt iets bij te dragen, krijg je een heel andere sfeer."

Dat lukt volgens Anne ook omdat een festival in feite een afgesloten wereld is. Ze vergelijkt het met een fort. Zodra je door de festivalhekken stapt, laat je het dagelijks leven even achter je. Binnen die tijdelijke muren ontstaan vanzelf nieuwe gewoontes, nieuwe ontmoetingen en nieuwe regels. Juist omdat iedereen een paar dagen in dezelfde bubbel leeft, durven mensen makkelijker mee te doen en zich open te stellen.

Dat proces zien ze ieder jaar opnieuw. "De eerste dag moeten mensen nog wennen," vertelt Mathijs. "Maar de tweede dag gaan ze rondkijken. Dan denken ze ineens: wat kan hier eigenlijk nog meer?"

En precies op dat moment gebeurt waarvoor de Bamboebios is bedacht. Mensen die elkaar een uur eerder nog straal voorbijliepen, raken met elkaar in gesprek, doen mee aan een spelshow of blijken ineens een onverwachte expertise te hebben. "Op het terrein denk je soms: iedereen ziet er een beetje hetzelfde uit," zegt Anne. "Maar als ze bij ons binnenkomen, blijken het ineens heel boeiende, intelligente, verrassende mensen te zijn."

Misschien is dat wel de grootste verschuiving die festivals de afgelopen jaren hebben doorgemaakt. Waar de line-up ooit het einddoel was, is die steeds vaker het vertrekpunt geworden. De muziek brengt mensen samen, maar de wereld daaromheen zorgt ervoor dat ze blijven dwalen, meedoen en elkaar ontmoeten.

Kultlab

De luxe van verdwalen

Misschien is dat uiteindelijk wel de aantrekkingskracht van Wildeburg.

Niet dat je alles ziet.

Maar dat je accepteert dat je nooit alles zult zien.

Achter iedere boom wacht weer een nieuw pad, een verborgen podium of een onverwachte ontmoeting. Je komt voor een dj, maar blijft hangen bij een kampvuur. Je loopt richting een stage en belandt bij een kunstwerk. Je denkt de weg te weten en ontdekt juist daardoor iets wat niet op je planning stond. In een tijd waarin Google Maps ons vertelt welke route we moeten nemen, Spotify bepaalt welke muziek we waarschijnlijk leuk vinden en algoritmes steeds beter voorspellen waar onze aandacht naartoe gaat, voelt dat bijna ongewoon.

Wildeburg probeert je niet zo snel mogelijk ergens te krijgen. Het nodigt je juist uit om onderweg te blijven. En misschien is juist dat de grootste luxe die een festival vandaag de dag kan bieden: een wereld die groot genoeg is om jezelf er even in kwijt te raken.

Meer zoals dit