De met zonovergoten, iconische terrassen in Parijs zitten bomvol, maar wij rijden er voorbij en worden afgezet bij de met gras bedekte Accor Arena. In de catacomben is het warm en zoeken de meer dan 16.000 bezoekers naar hun zitplaats. Binnen is het gelukkig een stuk koeler. Het licht is uit en de spots zijn allemaal gericht op de dohyo; de ring waarbinnen straks maar liefst 42 imposante sumoworstelaars het tegen elkaar opnemen. We zijn hier op uitnodiging van horlogemaker Tudor, die sinds dit jaar officieel partner is van de Japan Sumo Association, de organisator van het Grand Sumo-toernooi in Parijs. Maar wat hebben Zwitserse horloges en Japans sumoworstelen nou met elkaar gemeen? Nou, meer dan je op het eerste gezicht misschien zou denken.
Oude gebruiken
Sumo is niet zomaar een sport, het is een eeuwenoud ritueel dat is gebaseerd op de traditionele shintoreligie in Japan. Daarom zie je vandaag de dag nog veel van de oude gebruiken terugkomen. Ten eerste dragen de worstelaars, genaamd rikishi, enkel een traditionele mawashi. Dat is een dikke zijden gordel die bescherming biedt, maar ook door de tegenstander wordt gebruikt om zich aan vast te houden. Voordat ze daarmee de rieten ring binnenstappen, pakken ze een handvol zout en strooien dat over de kleigrond. Dit zuivert de dohyo en verlaagt het risico op blessures. Vervolgens staan de twee reuzen tegenover elkaar, tillen hun been op en stampen er keihard mee op de grond. Dit doen ze met zowel links als rechts om de boze geesten uit de dohyo te verjagen. De imposante choreografie is ook een blijk van de enorme kracht, flexibiliteit en controle van de twee zwaargewichten.
Net als bij sumo houden ze zich bij Tudor in de manufactuur ook stevig vast aan oude gebruiken. Laten we de Black Bay 68 als voorbeeld nemen. Die past met z’n relatief grote 43 mm roestvrijstalen kast perfect op de pols van een rikishi. De proporties zijn perfect op elkaar afgestemd en de afwerking is verfijnd tot in de kleinste details. Het ontwerp van de BB68 is geïnspireerd op de historische duikhorloges van het Zwitserse merk. De meest in het oog springende kenmerken zijn de zogenaamde ‘snowflake’-urenwijzer die in 1968 voor het eerst werd geïntroduceerd, en de diepblauwe kleur op de wijzerplaat, die door Tudor veel werd gebruikt in die tijd. Oké, terug naar de dohyo.

Doorstaan van de tests
Na die enorme doffe dreunen gaan de worstelaars door de knieën, spreiden hun armen en draaien hun handpalmen omhoog. Dit doen ze om te laten zien dat ze verder geen wapens bij zich dragen en voor een eerlijk gevecht gaan. Maar dat gevecht kan niet beginnen voordat de rikishi tegelijk met beide vuisten op de grond tikken en met al hun ziel en zaligheid naar voren stormen. Het is een ware krachtuitspatting die gepaard gaat met een hoge dosis techniek, tactiek, geduld en uithoudingsvermogen. Daar hebben ze jarenlang gedisciplineerd voor getraind terwijl een wedstrijd vaak razendsnel beslist wordt, soms zelfs in een paar luttele seconden.
Net als bij sumoworstelaars zie je bij de Tudor Black Bay 68 van buitenaf niet meteen waar hij toe in staat is. In de fabriek wordt eerst gekeken of het horloge bestand is tegen magnetische velden tot wel 15.000 gauss. Ter vergelijking: een doorsnee koelkastmagneet heeft een sterkte van ongeveer 50 tot 100 gauss. Daarna kijken ze naar de precisie in diverse posities en bij verschillende temperaturen. Die mag niet meer afwijken dan 0 tot +5 seconden per dag. Ten slotte wordt getoetst of het horloge de opgegeven gangreserve heeft en of het daadwerkelijk zo waterdicht is als beloofd. Pas na het doorstaan van al deze tests krijgt het horloge het befaamde METAS-certificaat.

Zowel bij het sumoworstelen als bij horloges zie je dus aan de buitenkant niet meteen hoeveel kennis en vaardigheden nodig zijn om de meest extreme omstandigheden te kunnen doorstaan. Maar zonder de juiste beheersing van al die kennis en kunde ben je nog nergens. Dat geldt zeker niet voor de hoofdrolspelers van vandaag. Groot zijn de rikishi en de Tudor Black Bay 68 allebei, maar ze zijn ook minstens net zo geraffineerd.
Goed om te weten:
- Je wint een sumo-gevecht als je tegenstander met ieder ander lichaamsdeel dan de onderkant van de voet de grond aanraakt óf als je hem buiten de ring van 4,5 meter werkt.
- Bij sumoworstelen zijn er geen gewichtsklassen. Het kan zomaar zijn dat iemand van nog maar net 120 kg moet worstelen met iemand van bijna 190 kg.
- De rikishi volgen een streng patroon waarin trainen, eten en slapen allemaal even belangrijk zijn: de eerste training van de dag wordt op een lege maag afgewerkt. Dan wordt er gegeten: een professionele sumoworstelaar eet ongeveer 6.000 tot 10.000 calorieën per dag. Daarna gaan de rikishi in een ‘food coma’. Tijdens dit middagdutje vertraagt de spijsvertering en worden de calorieën omgezet in het gewenste vet en spiermassa. Na een tweede trainingssessie wordt de dag afgesloten met nog een behoorlijke maaltijd in combinatie met veel rust.
- Een rikishi mag nooit met los haar in het openbaar verschijnen. Z’n kapsel heeft de vorm van een ginkgoblad en wordt in vorm gehouden met een plantaardige Japanse was die ruikt naar vanille en kruidnagel.
- In 1995 werd voor het laatst een Grand Sumo-toernooi in Parijs gehouden. Dat was op initiatief van groot sumo-fan en toenmalig president Jacques Chirac. Maar na een succesvolle editie vorig jaar in de Londense Royal Albert Hall, was het nu weer de beurt aan de Franse hoofdstad.






