Fashion

Hoe Giorgio Armani moderne tailoring veranderde

Vandaag is het precies een jaar geleden dat de Italiaanse ontwerper overleed. Armani was een meester in herenmode. Hij creëerde silhouetten die zo uitgesproken waren dat ze leken weg te smelten rond het lichaam van de drager, schrijft herenkledingexpert Derek Guy.

Getty Images

Giorgio Armani, de Milanese designer die de vulling uit pakken haalde en de toon zette voor power dressing in de jaren tachtig, overleed vorig jaar in Milaan op 91-jarige leeftijd. Als een van de laatste Italiaanse modernisten bracht hij de essentie van herenkleding terug tot een paar fundamentele elementen: silhouet, drapering en proportie. Zelf omschreef hij zijn ontwerpvisie als ‘bezield, verfijnd en eenvoudig’.

Armani stond bekend om zijn soepel vallende, ruim gesneden kleding in kleuren die tegelijk soberheid en luxe uitstraalden: zwart, steengrijs en greige (een combinatie van grijs en beige). Achter die ogenschijnlijke rust ging echter een leven schuil dat werd getekend door trauma en obsessie. In een documentaire uit 2004 over de ontwerper suggereerde Anna Wintour dat geen enkele belangrijke beslissing werd genomen zonder Armanis goedkeuring. De werkelijkheid was nog rigoureuzer: geen enkele beslissing, hoe onbeduidend ook, ging aan hem voorbij. Armani bepaalde welke gietijzeren lantaarns naast het hoofdkantoor kwamen te staan, welke exacte tint de winkelinterieurs kregen en zelfs hoeveel het briefpapier op de verschillende kantoren mocht wegen.

Zelfs toen hij op 91-jarige leeftijd bronchitis kreeg en zijn arts hem afraadde te reizen, hield Armani op afstand de regie over de fittings, make-up en volgorde van zijn Armani Privé-show voor herfst 2025. Via een videoverbinding hield hij alles nauwlettend in de gaten. ‘Alles wat u zult zien, is onder mijn leiding tot stand gekomen en heeft mijn goedkeuring,’ mailde hij de aanwezigen. Om er een Bijbelse beeldspraak bij te pakken: in Armanis wereld viel er nog geen mus van het dak zonder zijn toestemming.

Getty Images

Armani studeerde geneeskunde en diende een tijd in het leger voordat hij besefte dat hij niet geschikt was voor een carrière in de medische wereld. Zijn omweg door het leven bracht hem uiteindelijk naar La Rinascente, een warenhuis in Milaan, waar hij onderaan de ladder begon als etaleur. Van daaruit klom hij snel op: eerst als verkoper, daarna als assistent van een inkoper. In die functie kwam hij in contact met Nino Cerruti, destijds het hoofd van een van de meest gerespecteerde Italiaanse textielfabrikanten.

Cerruti zag Armanis talent voor ontwerpen en vroeg hem in 1964 om leiding te geven aan zijn nieuwe herenmodemerk Hitman. Armani bleef zes jaar bij Cerruti werken en ging daarna als freelancer voor verschillende modehuizen aan de slag, terwijl hij zijn eigen visie verder ontwikkelde. In 1974 richtte hij zijn gelijknamige label op met het geld dat hij verdiende door zijn blauwe Volkswagen Kever te verkopen. Het bedrijf begon met slechts twee mensen: de jonge assistente Irene Patone en Sergio Galeotti, een charmante architectuurtekenaar uit Toscane die Armani in de buurt van nachtclub La Capannina in Versilia had ontmoet.

In het eerste jaar draaide het bedrijf een omzet van 14.000 dollar (omgerekend 12.089 euro). Tien jaar later was dat 100 miljoen dollar (ongeveer 86 miljoen euro). Dat bijna explosieve succes wordt vaak toegeschreven aan Armanis romantische silhouetten in modderige, aardse tinten, die mannelijke elegantie en moeiteloze stijl uitstralen. Of aan de manier waarop jonge financiers in de jaren tachtig zijn kleding omarmden en zo het fenomeen creëerden dat bekend zou komen te staan als het ‘power suit’. Maar het succes van Armani laat zich niet zo eenvoudig verklaren. Armani was namelijk niet de eerste die het geraamte uit een pak haalde. Gedurende de twintigste eeuw begonnen Italiaanse kleermakers het Engelse pak stukje bij beetje te ontmantelen. Ze verwijderden lagen padding en vilt om een lichter en comfortabeler kledingstuk te maken dat beter aansloot bij het warmere Italiaanse klimaat.

Eerst was er Domenico Caraceni, een Romeinse kleermaker die zachtere materialen gebruikte. Daarna volgde Vincenzo Attolini, hoofdknipper bij Rubinacci, die nog meer materiaal verwijderde en daarmee de ultralichte jasjes creëerde die tegenwoordig onlosmakelijk verbonden zijn met de Napolitaanse stijl.

Als designer ging Armani nog een stap verder. Hij combineerde die lichtere constructie met uitgesproken proporties: een verlengde schouder, een lager ingezette kraag en een lager geplaatste sluiting. Daardoor kreeg het jasje een lager zwaartepunt en leek het bijna van het lichaam af te glijden. Tegelijkertijd gebruikte hij stoffen die traditioneel eerder met damesmode werden geassocieerd, zoals high-twistwol en crêpewol. Die materialen hadden van zichzelf al voldoende structuur, waardoor Armani uitgesproken silhouetten kon creëren zonder de zware canvassen die traditioneel in maatwerk werden gebruikt.

Getty Images

Nog belangrijker: Armani begreep dat mensen kleding niet alleen kopen om hoe die is gemaakt, maar vooral om wat ze denken dat die kleding over hen zegt. Zijn samenwerking met de Italiaanse fotograaf Aldo Fallai leverde enkele van de meest iconische modecampagnes van die tijd op. Sepiakleurige foto's toonden mannen met brede schouders en naar achteren gekamd haar, gehuld in soepel vallende, luxueuze kleding tegen straten met kinderkopjes. In Armanis eigen woorden zagen de beelden eruit als ‘een scène uit het best mogelijke leven’.

Armani was bovendien een van de eerste designers die op systematische wijze met beroemdheden ging samenwerken.

Voor Armani ontstond de relatie tussen mode en beroemdheid meestal vanuit persoonlijke banden. Fred Astaire droeg Anderson & Sheppard op het scherm omdat hij daadwerkelijk klant was bij de kleermaker. Halston kleedde de glamoureuze bezoekers van Studio 54 omdat hij tot dezelfde sociale kring behoorde. En iedereen wist dat Hubert de Givenchy voor Audrey Hepburn ontwierp, maar hun relatie tussen designer en muze was voortgekomen uit een echte vriendschap.

Een van Armani's grootste innovaties was dat hij dit principe professionaliseerde en uitbouwde tot een winstgevende pr-machine. Hij kleedde Richard Gere voor American Gigolo (1980), Kevin Costner in The Bodyguard (1992) en Christian Bale in The Dark Knight (2008). Samuel L. Jackson, Robert De Niro, Denzel Washington en Tom Cruise droegen regelmatig Armani op filmpremières en tijdens awardshows. Zo kon het merk een constante stroom persmateriaal produceren voor de journalisten die de rode loper versloegen.

Getty Images

Toen Michael Jackson Armani benaderde om een look voor zijn Dangerous-tour te ontwerpen, zou Armani hem hebben afgewezen toen bleek dat hij niet de volledige controle over de garderobe zou krijgen. Voor Armani draaiden deze projecten uiteindelijk minder om het aankleden van sterren dan om het creëren van een fantasiewereld waarover hij zelf de volledige regie voerde.

In een mode-industrie die zichzelf ieder seizoen opnieuw probeert uit te vinden, hield Armanis carrière meer dan vijftig jaar stand omdat hij zichzelf voortdurend bleef vernieuwen. Tegelijkertijd bleef zijn visie gestoeld op een aantal eenvoudige principes. Toen de silhouetten voor mannen aan het begin van de jaren 2000 steeds smaller werden, bewoog Armani mee met de tijd. Hij maakte de lijnen van zijn tailoring strakker en moderner voor een nieuwe generatie, zonder mee te gaan in de extreem nauwsluitende kleding die het meest vooruitstrevende deel van de mode in dat decennium domineerde.

Getty Images

Rond 2014 begonnen archiefbeelden van zijn werk opnieuw rond te gaan in de online wereld van de herenmode. Eerst op fora, daarna op blogs en uiteindelijk in de mainstream media. Een steeds luider wordende lofzang volgde. De soepel vallende, gedeconstrueerde kleding, met ingetogen kleuren en Armanis kenmerkend lage kraaginzet, voelde opnieuw decadent en modern. Ze bood een uitweg uit de strakke kleding die trok en plooide, maar nooit het comfort bood waarmee mannen er echt nonchalant uit konden zien.

Inmiddels zijn er Instagram-accounts die volledig aan zijn werk zijn gewijd, vergelijkbaar met de manier waarop de modewereld de periode van Phoebe Philo bij Celine opnieuw is gaan vieren.

Na meer dan tien jaar waarin slim-fit de herenmode domineerde, voelt de herwaardering van Armani als een stille genoegdoening. Hij had het bij een aantal fundamentele dingen bij het rechte eind. Mannelijke elegantie kan worden teruggebracht tot eenvoudige, vloeiende vormen. Een man kan er tegelijkertijd verfijnd en ontspannen uitzien. En de samenwerking tussen mode en Hollywood kan een van de krachtigste culturele krachten van de moderne tijd zijn: een samenwerking die niet alleen bepaalt wat mensen dragen, maar ook waar ze van dromen.

Dit artikel verscheen eerder op GQ.com.

Meer zoals dit