Als GQ Iliass Mansouri (1998) spreekt, beter bekend als DYSTINCT, zit hij bij de kapper. Tussen afspraken, repetities en vluchten door probeert hij een moment van rust te vinden. Die avond vertrekt hij naar New York voor zijn tweede tournee door de Verenigde Staten.
DYSTINCT brak, na een korte tijd Nederlandstalige muziek uit te hebben gebracht, internationaal door met Ya La laa en ging wereldwijd viraal met Ghazali. Inmiddels behoort hij tot de grootste Arabischtalige popartiesten van de wereld, met honderden miljoenen streams, uitverkochte tournees en samenwerkingen met grote artiesten wereldwijd.
De Belgisch-Marokkaanse singer-songwriter en producer, opgegroeid in Antwerpen, is uitgegroeid tot een van de succesvolste artiesten van zijn generatie.
Dit is je tweede Amerikaanse tour. Went het ooit, denk je?
“Het blijft bijzonder. Wat me opvalt, zijn de mensen in het publiek. Niet iedereen heeft Arabische roots. Ik zie veel Latino’s en mensen met totaal verschillende achtergronden. Dat vind ik misschien nog wel het mooiste: dat mensen mijn muziek woord voor woord meezingen zonder de taal per se te spreken.”
Wanneer besefte je dat zingen in Darija, de Marokkaans-Arabische spreektaal, jouw kracht was?
“Ik begon muziek te maken toen ik zestien was. Ik maakte vooral Nederlandstalige muziek en verhuisde op mijn achttiende van België naar Nederland om daar serieus mee aan de slag te gaan. Al snel ontdekte ik hoe competitief de muziekindustrie was. Ik bleef muziek maken, maar iedereen deed ongeveer hetzelfde. Op een gegeven moment begon ik na te denken over wat mij onderscheidde. Dat antwoord vond ik in mijn achtergrond. Ik hou van Nederlandstalige muziek, maar ik hou ook van mijn eigen taal. Dus ik begon af en toe een Arabisch woordje toe te voegen. En toen dacht ik: waarom maak ik niet gewoon een volledig nummer in Darija?”
Je besloot daarop volledig in Darija te zingen. Het nummer Ya La Laa sloeg direct aan. Wat ging er door je heen?
“Ik merkte dat mensen er echt op zaten te wachten. Niet alleen in Marokko of binnen de Arabische gemeenschap, maar ook daarbuiten.”
“Ghazali was tijdens het WK van 2022 al ongeveer een half jaar uit. Het nummer deed het goed, maar wat er tijdens het WK gebeurde, had niemand kunnen voorspellen. Tijdens de historische WK-campagne van Marokko, waarin het land als eerste Afrikaanse natie ooit de halve finale bereikte, verschenen vanuit de kleedkamer voortdurend video’s op sociale media. Op de achtergrond klonk steeds opnieuw hetzelfde nummer. Het werd bijna het onofficiële volkslied van het team. Dat was echt surrealistisch.”
Je stond opeens in de belangstelling. Hoe vond je dat?
“Vóór “Ya La Laa” had ik vaak het gevoel dat mensen het nummer kenden, maar niet per se de artiest. Met “Ghazal” veranderde dat.”
Toch bleef hij dezelfde persoon.
“Ik ben van nature best verlegen. Dus ineens zo zichtbaar worden was iets waar ik aan
moest wennen. Tegelijkertijd wilde ik ook dat de jongen achter de muziek een gezicht kreeg.”
Veel artiesten zouden zo’n moment volledig uitmelken. DYSTINCT en zijn team kozen voor een andere route.
“Wij zagen het als een kans om verder te bouwen. We hadden momentum. Het Marokkaanse elftal schreef geschiedenis en mijn muziek bereikte steeds meer mensen.”
Je werkt met artiesten uit verschillende landen en diasporagemeenschappen. Hoe ontstaan die samenwerkingen?
Dat gaat meestal heel organisch. Soms hoor ik iets wat ik mooi vind. Soms ontmoet ik iemand tijdens een tour. Vaak zijn het artiesten die binnen hun gemeenschap een
belangrijke rol spelen.”
Natuurlijk speelt strategie soms een rol.
“Maar ik heb nooit samengewerkt met iemand omdat ik dacht dat het me meer streams of likes zou opleveren. Mensen voelen wanneer iets geforceerd is.”
Authenticiteit blijft voor hem belangrijker dan cijfers.
“Je moet het eerst voelen. Daarna kan het onderdeel worden van een strategie.”
Dat verklaart misschien ook waarom zijn muziek zo moeiteloos grenzen overschrijdt. Of het nu gaat om samenwerkingen met artiesten uit Frankrijk, Duitsland of Albanië: de rode draad is herkenning.
Niet alleen muzikaal, maar ook cultureel.
Heb je het gevoel dat je iets vertegenwoordigt dat groter is dan muziek?
Lachend: “Dat zou ik zelf nooit zo zeggen. Ik wil gewoon muziek maken. Ik wil dat mensen glimlachen. Dat als ze zien dat ik ergens optreed, ze met plezier naar die show komen. Ik wil dat iedereen zich welkom voelt.”
Wat drijft je nog? Je hebt uitverkochte tours, internationale samenwerkingen en honderden miljoenen streams
“Doorgaan. Dit is een missie. Kijk naar Latijns-Amerikaanse muziek. Mensen zingen die liedjes overal ter wereld mee zonder de taal te spreken. Waarom zou Arabische muziek diezelfde plek niet kunnen innemen? Arabisch is een van de grootste talen ter wereld. Er zijn zo veel verhalen, dialecten en culturen aan verbonden. In het begin kreeg ik vaak te horen dat Arabische muziek internationaal nooit zou werken. Dat het alleen iets was voor bruiloften of familiefeesten. Gelukkig heb ik daar niet naar geluisterd.”
Sinds het begin werk je samen met platenlabel Avalon Music. Je had waarschijnlijk naar andere labels kunnen overstappen. Waarom ben je gebleven?
“Never change a winning team. Ik zit vanaf dag één bij Avalon. We hebben samen alles opgebouwd. Het respect dat ik voor mijn team heb, is enorm.”
Denk je weleens na over wat jouw succes doet voor hoe mensen naar de Arabische en Marokkaanse cultuur kijken?
“Ik merk dat mensen Marokko interessanter vinden. Ook weten ze steeds beter dat Marokkaanse thee niet alleen heet water en muntblaadjes bevat. Ik probeer daarmee te zeggen dat de Arabische en Marokkaanse cultuur zoveel rijker zijn dan velen meekrijgen. Ik denk dat muziek belangrijk is. Zeker in tijden waarin zo veel mensen tegenover elkaar lijken te staan. Ik krijg ook regelmatig kritiek. Voor sommigen zing ik te veel in Darija, voor anderen juist te weinig. Sommigen willen meer klassiek Arabisch horen. Maar uiteindelijk kun je niet iedereen tevreden houden. Zolang mijn moeder en vader trots op me zijn en een grote glimlach op hun gezicht hebben, ben ik gelukkig. Aan het einde van de dag doe ik dit ook voor hen.”







